Van participatie naar eigenaarschap

Waarom zijn we als ondertekenaars van het Stadsakkoord zo vaak teleurgesteld door de participatieprocessen in onze stad? Omdat de volgorde van de Utrechtse participatieladder niet klopt? Ja, stelt organisatiepsycholoog Anke Siegers, maar omdraaien is niet genoeg. Om een gelijk speelveld te krijgen voor bewoners en maatschappelijke initiatiefnemers, is een hele nieuwe route noodzakelijk. “Als iedereen het democratisch proces vormgeeft, niet alleen de raad en het stadsbestuur, ga je van participatie naar eigenaarschap.”

1) Hoe werken de huidige participatieladders?  
"Bij geen van de tredes heb je als inwoner of initiatiefnemer echt invloed; zelfs coproductie, de op-een-na-hoogste trede van jullie Utrechtse ladder, zorgt daar niet voor. De gemeente heeft óf een informatievoorsprong óf behoudt zich het recht voor anders te besluiten. 
En dan kan het ook nog gebeuren dat na een participatietraject en collegebesluit de raad er nog een plasje over wil doen. Veel gemeenteraden durven het niet aan om vooraf kaders te stellen en het daarbij te laten. Maar op deze manier neem je eigenaarschap af van de mensen die vooraan dat traject meedachten of input leverden, of dit nu belangenverenigingen zijn, bewoners of wijkraden."

“Ondankbare burgers? Deze mensen zijn geen eigenaar van de oplossing.” 

2) Waarom is dat erg?
“De kloof tussen politiek en inwoners zal groeien, en uiteindelijk wordt de democratie om zeep geholpen omdat niemand het meer interesseert. Dan komt er niemand meer opdagen bij een Stadsgesprek. Ik zie het gebeuren, het wordt steeds erger. 
Het systeem zoals we het nu kennen, waarin een kleine groep geschoolden, experts, besluit voor de grote groep, stamt uit een tijd waarin de samenleving anders was opgebouwd dan nu. Een periode waarin de grootste groep in de samenleving niet geschoold was en een kleine groep wel.
En dat systeem hanteren we nog steeds, terwijl die grote groep steeds slimmer is geworden. We halen een kwestie uit die grote groep, laten een kleine groep er over nadenken en geven de beslissing dan terug aan die grote groep. Wat krijg je dan? De mensen die het iets kan schelen, komen in verzet. Anderen leunen achterover. Die ondankbare mensen! wordt er dan geroepen. Hebben we zo hard voor gewerkt en ze waarderen het niet! Tja, deze mensen zijn geen eigenaar van de oplossing.”

3) Hoe moet het dan wel?
“Ik denk dat er een nieuwe route nodig is, zodat je samen kunt besluiten met alle betrokkenen en zo gedragen en duurzame plannen krijgt. Weg met die participatieladder en op naar een trap van eigenaarschap, stel ik voor.

Die route kent 4 stappen. Stap 1 is een centrale vraag: wat is het probleem om op te lossen? Formuleer de vraag zo: Wat is ervoor nodig dat… Stap 2 zijn kaders, opgesteld door de gemeenteraad. Binnen welke kaders moet het plan blijven wil het kunnen worden uitgevoerd? Denk dan aan wetten, budgetten of bestaande afspraken. Stap 3 is de voorbereiding van de besluitvormingsbijeenkomst, deze is cruciaal. Hier worden alle partijen voorbereid op de bijeenkomst. Daarin zijn 3 dingen belangrijk: onafhankelijke begeleiding, nadenken over wie er bij moeten zijn, welke informatie nodig is en wat er nodig is om iedereen zich veilig te laten voelen.

“In deze route worden steeds de machtsverhoudingen gelijk getrokken”

In plaats van ophalen, ga je informeren. Je keert het om: voorzie iedereen van dezelfde informatie om zo de ongelijkwaardigheid die vaak in besluitvormingsprocessen wordt ervaren, recht te trekken. Vaak wordt gezegd dat mensen niet kunnen meedenken, omdat ze niet weten hoe het zit. Deel die informatie dan!
Zorg er vervolgens voor dat iedereen aan tafel zit die wordt beïnvloed door de uitkomst van het plan. Wees niet bang om tegengestelde belangen aan tafel te hebben, dat is echte democratie. Meestal zit je als deze route wordt gevolgd, met meer inwoners aan tafel dan met mensen van de gemeente. Dus heb je al de macht van de meerderheid, in dit proces draait het om het rechttrekken van macht.
Als laatste: voelen de aanwezigen zich veilig genoeg om alles te kunnen zeggen wat er nodig is? Misschien is het nodig dat zijn of haar collega’s meekomen? Vraag dat. Degene die de voorbereiding doet, moet onafhankelijk zijn. Dat kan een beleidsmedewerker zijn, maar ook iemand anders, als de gemeente door de genodigden niet als onafhankelijk wordt ervaren.
Door stap 4, de besluitvormingsbijeenkomst, rol je doorheen als je de vorige stappen goed hebt doorlopen. En dan komt de raad: die gaat checken of het voldoet aan de door hen gestelde kaders. Of het proces eerlijk is verlopen. Is alle kennis gedeeld, is iedereen gehoord? Als dat zo is, gaan ze akkoord. Eigenaarschap in deze route ligt dus bij die mensen die er werkelijk wakker van lagen. En ook bij de raad, maar in een andere rol.”

4) Hoe zie jij dan de rol van de gemeenteraad?
“Puur het bepalen van de kaders van een besluitvormingstraject. Daarmee verkrijgen ze zelf ook een veel sterkere positie. We verwachten van de gemeenteraad dat ze overzicht heeft en van daaruit een kader kan stellen waar besluiten aan moeten voldoen. Zet raadsleden niet aan tafel bij de besluitvormingsbijeenkomst. Ze willen graag meedoen, maar als zij erbij zitten, vraagt iedereen aan hen wat zij ervan vinden. En leunt de rest achterover.
Tegenwerping die we vaak horen van raadsleden is ‘Maar ik ben niet voor niets gekozen?!’ We kiezen raadsleden om het overzicht te houden en niet om te bepalen welke kleur de dakpannen hebben, zeg maar.
In deze route hoeft de raad niet op de details te zitten. En er wordt ook geen debat gevoerd vanuit de politieke kleur. Debat is geen dialoog. Raadsleden vinden debat prettig, zijn ze in getraind. Maar in een goed geleide besluitvormingsbijeenkomst zie je dat de meeste mensen, ook al verschillen ze van standpunt, bereid zijn met elkaar een oplossing te vinden. Of dat er werkgroepen ontstaan, die mandaat krijgen van de grote groep. Een faciliterende en kaderstellende rol van de raad zorgt juist voor eigenaarschap.” 

5) Waar moeten we in Utrecht mee beginnen?
“Kies drie kwesties waarmee je volgens deze route opnieuw een besluitvormingstraject vormgeeft. Ik denk dat Utrecht nu met dit nieuwe college kleur kan gaan bekennen. Start smal en diep naast het huidige systeem. Volg de route, probeer het zo zuiver mogelijk te doen, en evalueer na afloop. Niet erg als het niet perfect ging, dat gaan andere processen ook niet. Wees niet bang voor sommige cases overnieuw te beginnen, want er zijn geen korte vluchtroutes. Het is geen simpele kanteling en hier is opleiding voor nodig!” 

← terug naar homepage